11. Delen van een boom en plant
De Boom: Stille Reus van het bos, Architect van het Leven
Wanneer je een bos binnenstapt, word je omringd door reuzen.
Op het eerste zicht lijkt een boom gewoon een stilstaande stam met blaadjes aan; maar niets is minder waar! De ware magie blijft meestal verborgen voor het blote oog. Een boom is een superheld, een dynamische levende machine vol activiteit, die de aarde vorm geeft en zorgt voor de lucht die we inademen.
Hoe 'werkt' een boom?
Als we de boom echt willen begrijpen, moeten we kijken naar hoe hij gebouwd is, hoe hij leeft, en waarom hij onmisbaar is voor onze planeet.
In de plantenwereld is er altijd een strijd voor het licht, en elke plant probeert naar het licht te groeien. Waarom, wordt zo duidelijk.
Bomen winnen de race van de andere planten, omdat ze zo hoog kunnen groeien, soms tot wel 50 of zelfs 100 meter hoog! Maar dat brengt natuurlijk ook wat praktische problemen mee, die een boom, over de miljoenen jaren heen, mooi heeft opgelost.
Hoe kan een boom zo hoog groeien zonder om te vallen? Dat lukt door een stevige houten stam. Die is als een soort skelet voor de boom, die hem stevig overeind houdt, zelfs als het hard waait. De buitenste laag is de schors, die zorgt voor een soort jas of harnas, die de stam en de binnenkant van de boom beschermt tegen het klimaat, ziekten, ongedierte en beschadiging.
Onder de schors zit een ingenieus transportsysteem om water en voeding doorheen de boom op zijn plaats te brengen. Een boom is in essentie een verticaal transportsysteem, aangedreven door de krachten van de natuur.
De motor van dit systeem bevindt zich vlak onder de schors, de bast. In een microscopisch dunne laag, het cambium, vindt de werkelijke groei plaats. Elk jaar produceert het cambium nieuwe cellen, die we onder meer als jaarringen terugzien.
Binnen deze stam bevinden zich twee gescheiden 'leidingsystemen'. Het xyleem (houtvaten) is de 'waterpijp'. Het vervoert water en mineralen naar boven van de wortels, soms wel honderd meter omhoog, naar de bladeren. Dit gebeurt zonder pompen, simpelweg door de zuigkracht die ontstaat wanneer water aan de bladeren verdampt.
Daartegenover staat het floëem (bastvaten), de 'voedselleiding'. Dit systeem vervoert de suikers, die in de bladeren zijn aangemaakt, omlaag naar de rest van de boom, om te groeien en de wortels te voeden.
Een van de meest wonderbaarlijke processen op aarde vindt plaats in de bladeren van de boom. Dit is de fotosynthese.
Bomen zijn biologische scheikundigen en alchemisten. Met behulp van zonlicht, dat wordt opgevangen door het bladgroen in het blad, zetten ze water en koolstofdioxide (CO2) uit de lucht om in energierijke suikers. Deze suikers zijn de bouwstenen voor hun groei van stam, wortels en vruchten. Als 'afvalproduct' van dit proces produceren bomen de zuurstof (O2) die wij en bijna alle andere levende wezens nodig hebben om te ademen. Een boom bouwt zichzelf letterlijk op uit lucht en zonlicht.
En dan hebben we nog de wortels, die diep in de grond groeien. Ze zorgen ervoor dat de boom stevig staat en ze zuigen water en voedingsstoffen uit de grond, zoals een rietje. Daarvoor werken ze dikwijls samen met schimmels die een heel netwerk vormen onder de grond. Bomen leven niet in isolatie. Onder onze voeten strekt zich een onzichtbaar netwerk uit van schimmels, ook bekend als het Woud Wijde Web (mycorrhiza). Dit netwerk verbindt de wortels van bomen met elkaar, waardoor ze water, voedingsstoffen en zelfs alarmsignalen kunnen uitwisselen. Het is een sociaal netwerk dat bomen helpt te overleven. (zie ook bord nummer 20)
Het belang van bomen kan niet worden overschat.
Bomen zijn de belangrijkste klimaatregelaars. Ze slaan enorme hoeveelheden koolstof op in hun hout, wat essentieel is tegen de opwarming van de aarde.
Ze werken als airconditioners, die door verdamping hun omgeving tot wel enkele graden kunnen koelen.
Bovendien houden hun wortels de bodem vast, voorkomen ze erosie, en werken ze als sponzen die water opvangen en langzaam afgeven, wat cruciaal is in tijden van droogte en overstromingen.
Een boom is ook onmisbaar voor de biodiversiteit: een enkele zomereik kan onderdak bieden aan wel 400 verschillende soorten insecten, vogels en mossen!
Planten, en bomen in het bijzonder, zijn de enige organismes ter wereld die door fotosynthese zichzelf bouwen uit lucht en zon, en die als bijproduct zuurstof levert en de lucht zuivert die wij nodig hebben. Zonder planten kunnen andere levende wezens niet overleven. De boom is een superman en de stille kracht van het leven op aarde.
Best cool, hè?

Doorsnede van een boom - Jaarringen
En hoe kunnen we de leeftijd van een boom weten? Sommige bomen zijn honderden, zelfs duizenden jaren oud!
Een boom blijft groeien tot hij afsterft. Op een gegeven moment stopt een boom wel met in de hoogte te groeien, maar gaat dan door in de breedte.
Daarom kan je de leeftijd van een boom zien aan de jaarringen (illustratie) in de stam.
Wanneer je een boom omzaagt (of beter in leven laat en met een dunne holle boor werkt), kun je ringen zien in de stam. Deze ringen noemen we jaarringen en ze kunnen ons veel vertellen over de geschiedenis van de boom: Elke jaarring vertegenwoordigt één groeijaar van de boom.
De brede, lichte ringen vormen zich in de lente en vroege zomer wanneer de boom snel groeit. De smalle, donkere ringen vormen zich in de late zomer en herfst wanneer de groei vertraagt. Zo worden duidelijk afgelijnde ringen gevormd, één per jaar.
Wat leren jaarringen ons?
Leeftijd van de boom: Door het aantal ringen te tellen, kunnen we de leeftijd van de boom bepalen. Groeiomstandigheden over de jaren: De breedte van de ringen kan ons vertellen over de groeiomstandigheden in bepaalde jaren. Brede ringen duiden op goede groeijaren met veel water en zonlicht, terwijl smalle ringen wijzen op moeilijke jaren met weinig water of voedingsstoffen. Historische gebeurtenissen: Jaarringen kunnen ook sporen van bosbranden, overstromingen of insectenplagen laten zien.
